Bij Boers Advocaten staan negen advocaten, met samen 150 jaar ervaring, klaar om u bij te staan.
hoek
 

Echtscheiding?

U en uw partner gaan uit elkaar en u wilt de zaken goed geregeld hebben


Lees meer...

 

Letsel?

U bent slachtoffer geworden van een ongeval of medische fout


Lees meer...

 

Arbeidsconflict?

U heeft een conflict met uw werkgever of wilt personeel ontslaan


Lees meer...

 

Mediation

Wij adviseren bij o.a. echtscheiding, alimentatie en adoptie


Lees meer...

 

Ondernemingsrecht

Geschil tussen aandeelhouders?



Lees meer...

 

Huurcontract?

U bent huurder of verhuurder en wilt weten wat uw rechten zijn


Lees meer...

Op 11 mei 2016 geeft Louis de Boef les aan advocaten ten behoeve van de Specialisatieopleiding Huurrecht. 

De door hem opgestelde bundel vindt u hier.

Inhoud

1. Insolventie: afgrenzing faillissement, surseance en WSNP

2. Faillissement en huur

3. Surseance en huur

4. WSNP en huur

Het accent ligt nadrukkelijk op het faillissementsrecht.

Aangezien ik niet weet in hoeverre mijn lezers voldoende basiskennis hebben omtrent de werking van het faillissement, surseance en WSNP, zal ik er mee beginnen om deze wettelijke systemen in hoofdlijnen te bespreken. Daarna zal ik dit toespitsen op het huurrecht.

 

1. Insolventie: afgrenzing faillissement, surseance en WSNP

 

1.1. Insolventie

Indien een natuurlijke persoon of een rechtspersoon (B.V., N.V., stichting, vereniging e.d.) zijn schulden niet meer kan betalen, kan deze trachten zelf afspraken te maken met zijn schuldeisers: uitstel van betaling, gedeeltelijke kwijtscheldingen e.d.. In de praktijk is dit zeer lastig te realiseren omdat alle partijen die daarbij zijn betrokken allemaal eigen belangen hebben. In een groot aantal gevallen mislukt dit dan ook (vgl. V&D). Slechts in zeer bijzondere gevallen kan het worden afgedwongen (HR 12 augustus 2005 NJ 2006, 230 (Payroll)).

Indien er betalingsmoeilijkheden zijn, zijn er wettelijk de volgende regelingen:

1. faillissement (artikel 1 e.v. Fw);

2. surseance van betaling (artikel 214 e.v. Fw);

3. wet Schuldsanering Natuurlijke Personen (WSNP) (artikel 284 e.v. Fw).

Een faillissement, surseance of WSNP komt nooit “uit de lucht vallen”. Zij worden uitgesproken na een (zeer korte) procedure door de Rechtbank (en soms in hoger beroep/cassatie door het Gerechtshof/Hoge Raad).

Ik zal u hierna kort uitleggen wat het verschil is tussen deze drie regelingen nu de toepasselijkheid daarvan gevolgen heeft voor de positie van verhuurder of huurder.

 

1.2. Faillissement

1.2.1. Algemeen

Zowel natuurlijke personen als rechtspersonen (B.V., N.V., stichting, vereniging e.d.), ongeacht of deze al dan niet een onderneming exploiteren kunnen failleren. Zowel op eigen aangifte als op verzoek van een schuldeiser. Het faillissement betekent dat de schuldenaar is opgehouden te betalen (artikel 1 Fw). Het kan zijn dat hij wel voldoende vermogen heeft (bijvoorbeeld onroerend goed), maar als hij dat niet tijdig te gelde kan maken, kan hij - ondanks het feit dat het vermogen de schulden dekt - toch failliet gaan. Het gaat dus om het tijdig kunnen beschikken over geld (cash) en betalen.

Door het faillissement ligt er van rechtswege beslag op het gehele vermogen van de schuldenaar (artikel 20 Fw). Op het moment dat het faillissement door de Rechtbank wordt uitgesproken, wordt er door de Rechtbank een curator benoemd (nagenoeg altijd een advocaat). Deze dient het vermogen van de failliet te liquideren (= te gelde maken).

Als het faillissement is uitgesproken, kan, indien dit op verzoek van een schuldeiser is uitgesproken, de failliet - indien hij verstek heeft laten gaan - daartegen in verzet gaan. Als hij wel verweer heeft gevoerd, kan hij in hoger beroep gaan. Overigens kunnen ook belanghebbenden in verzet gaan tegen het faillissement (zoals werknemers, de curator pro se (HR 18 december 2015, ECLI:NL:HR:2015:3636)).

Indien één van de betrokkenen een rechtsmiddel aanwendt, heeft dit geen schorsende werking. Derhalve ondanks het verzet/hoger beroep/cassatie is er sprake van een faillissement (zie artikel 13 Fw). Van de curator wordt verwacht (tenzij het een evident kansloos rechtsmiddel is) dat hij terughoudend omgaat met zijn bevoegdheden, zoals bijvoorbeeld opzegging van de huurovereenkomst.

Vanwege de lengte van deze publicatie verzoeken wij u de rest in dit PDF formaat te lezen: 
huurrecht-en-insolventie-2016.pdf (100KB).

Indien u over dit artikel meer informatie wenst, kunt u contact opnemen met mr. Louis de Boef op telefoonnummer 0318 - 52 24 04 of Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Boers Advocaten bij Twitter
Boers Advocaten bij LinkedIn
Boers Advocaten bij Facebook
Schrijf ons een bericht.

Boers Advocaten gebruikt cookies om u een optimale gebruikerservaring te bieden.Niet akkoord? Klik hier voor meer informatie.