Boers Advocaten
hoek

Het bewijsbeding en eigendomsvoorbehoud

Voor een leverancier is het raadzaam om een eigendomsvoorbehoud op te nemen in de algemene voorwaarden.

Wanneer een afnemer niet tot betaling overgaat, kan de leverancier de door hem geleverde zaken terugnemen. Vanwege het eigendomsvoorbehoud gaat de eigendom pas over nadat de geleverde zaken volledig door de afnemer zijn betaald.

Een beroep op het eigendomsvoorbehoud gaat echter niet op wanneer de zaken ook door andere leveranciers zijn geleverd dan wel sterk op deze zaken lijken. Op grond van de wet wordt de afnemer vermoed eigenaar te zijn van de zaken en is het aan de leverancier om te bewijzen dat deze zaken zijn eigendom zijn. Wanneer de leverancier een uniek product heeft verkocht zal dit geen probleem zijn, maar wanneer het gaat om (soort)gelijke zaken die zijn vermengd met de door andere leveranciers geleverde zaken is dit een onmogelijke opgave.

In een dergelijk geval kan een bewijsbeding uitkomst bieden. Alsdan wordt vooraf bepaald dat zaken van een bepaalde soort aan de leverancier in eigendom toebehoren, behoudens tegenbewijs. Door een bewijsbeding op te nemen in de algemene voorwaarden is het dan aan de afnemer om te bewijzen dat de bij hem aanwezige zaken geen eigendom zijn van de leverancier. De werking hiervan kan nog worden versterkt door in de algemene voorwaarden op te nemen dat de afnemer is gehouden om de door de leverancier geleverde zaken als zodanig te markeren en deze apart dient te bewaren. Ook in geval van faillissement kan jegens de curator een beroep worden gedaan op het bewijsbeding.

Voor nadere informatie hierover kunt u contact opnemen met mr. T.F. Quaars: 0318 – 52 24 04 of Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken..

Boers Advocaten bij Twitter
Boers Advocaten bij LinkedIn
Boers Advocaten bij Facebook
Schrijf ons een bericht.